Sinds 1 januari 2011 zijn de corporaties in Nederland verplicht om minimaal 90 procent van de huurwoningen met een huur tot 652,52 euro per maand te verhuren aan mensen met een (gezamenlijk) belastbaar jaarinkomen van maximaal 33.614 euro. De eerste effecten van deze Europese regelgeving zijn inmiddels zichtbaar.
Het voordeel van de Europese regels is dat woningzoekenden die niet meer verdienen dan 33.614 euro meer kans maken op een sociale huurwoning. Er is echter ook een nadeel: niet meer dan 10 procent van de sociale huurwoningen mag worden verhuurd aan mensen met een inkomen boven die grens.
Onderzoek van WoningNet wijst uit dat 90 procent of meer van de sociale huurwoningen in het eerste kwartaal van 2011 zijn verhuurd aan de doelgroep ‘tot 33.614 euro’. De verwachting is dat dit effect daarna alleen nog maar sterker zal worden.
Middeninkomens
Woningzoekenden met een middeninkomen – 33.614 tot 43.000 euro per jaar – zijn hiervan de dupe. Zij lijken vaker uit de boot te vallen. Een landelijke meting wijst uit dat er ruim 45 procent minder is toegewezen aan deze groep.
Dat middeninkomens de dupe zijn van de Europese regels heeft te maken met het feit dat er weinig middeldure huurwoningen zijn (met een huur van 650 tot 850 euro per maand). Daarnaast is het voor deze groep lastig om een hypotheek te krijgen en daarmee de stap te maken naar een koopwoning. Veel mogelijkheden zijn er dus niet op de woningmarkt.
De effecten zijn niet alleen zichtbaar in de aantallen verhuringen, maar ook in het zoekgedrag van mensen. WoningNet heeft onderzoek gedaan in vier regio’s en constateert twee opmerkelijke zaken. Ten eerste: in het laatste kwartaal van 2010, dus vlak voor de invoering van de Europese regels, steeg het aantal reacties van mensen met een middeninkomen. Waarschijnlijk probeerden zij op de valreep nog aan een sociale huurwoning te komen. Het tweede opmerkelijke is, dat er in het eerste kwartaal van 2011 een scherpe daling zichtbaar is van het aantal actief woningzoekenden met een middeninkomen. Het gaat om een daling van 66 procent en bij de hogere inkomens (meer dan 43.000 euro) zelfs om een daling van 70 procent.
In de regio Drechtsteden hebben de corporaties ervoor gekozen om de opgelegde Europese regels strikt uit te voeren. De kansen voor woningzoekenden met een middeninkomen zijn daarmee vrijwel nihil geworden.
Blijf ingeschreven!
Dit betekent echter niet dat Woonkeus deze mensen adviseert zich uit te schrijven als woningzoekende. Daar zijn enkele redenen voor. De eerste is dat de woningcorporaties druk bezig zijn met het bedenken van manieren om ook de middeninkomens van goede huisvesting te voorzien. De verwachting is dat er voor het eind van het jaar concrete maatregelen zijn. Het is in ieder geval de bedoeling om de huurwoningen in de vrije sector zoveel mogelijk te verdelen via Woonkeus.
Een tweede belangrijke reden om ingeschreven te blijven bij Woonkeus is dat de leef- en/of woonsituatie snel en ingrijpend kan veranderen. Bijvoorbeeld door scheiding, werkloosheid of overlijden. Veranderingen die gevolgen hebben voor het inkomen. Plotseling kan iemand met een middeninkomen ver onder grens van 33.614 euro zakken. Waardoor men dus weer in aanmerking kan komen voor een sociale huurwoning. Schrijft men zich in op het moment dat de situatie verandert, dan is men meestal te laat. Grote wachttijden zijn het gevolg. Bovendien is het lang niet altijd mogelijk om in dergelijke omstandigheden een beroep te doen op de voorrangsregeling. Komt men wel voor een voorrangsverklaring in aanmerking, dan heeft men te maken met veel beperkingen en weinig keuzemogelijkheden. Het advies van Woonkeus is daarom: blijf ingeschreven als woningzoekende!
Bron: rapport ‘WoningNet onderzoekt’ nummer 1, juli 2011.